Osteopathie

Osteopathie is een manuele therapievorm die zich bezig houdt met alles wat beweegt in het menselijke lichaam. Alles in het lichaam beweegt, niet alleen spieren en gewrichten, maar ook organen, vliezen, schedel, etc. Wanneer er  ergens spanningen optreden, kan dit resulteren in bewegingsverlies en later in klachten, pijnen, ziektes.

“BEWEGING is het sleutelwoord in de osteopathie.”

De filosofie steunt op 3 belangrijke fundamenten:

  • de eenheid en totaliteit van het menselijk lichaam
  • de wederzijdse relatie tussen structuur en functie
  • de zelfgenezende en zelfregulariserende krachten

De osteopatische benadering van het lichaam

De osteopaat bekijkt het lichaam hoofdzakelijk vanuit drie systemen :

Het eerste ‘zichtbare’ bewegingssysteem: botten, spieren en gewrichten

Beiden beïnvloeden elkaar zowel op een positieve manier, op een negatieve manier, van kortbij of op een langere afstand in het lichaam. Het is aan osteopaat om op zoek te gaan naar de plaatsen waar er zich bewegingsverlies voordoet en hierop in te werken om terug harmonie te brengen in dit systeem.

Het tweede bewegingsysteem: ingewanden en vliezen

Als osteopaat leer je de bewegingsbeperkingen en spanningen in de organen op te sporen en help je het orgaan te herstellen in zijn oorspronkelijke beweeglijkheid. Geen enkele medische tak houdt zich bezig met het feit dat organen bewegen. Het middenrif is een grote spier die het lichaam precies in twee deelt en waaraan de meeste organen (lever, maag, nieren, milt, enz...) zijn opgehangen. Wanneer we inademen gaat het middenrif naar beneden en zullen de organen ongeveer  anderhalve cm dalen. Tijdens het uitademen keren de organen en het middenrif terug naar hun oorspronkelijke positie.

Elk orgaan is via zenuwen en bloedvaten verbonden met de ganse wervelkolom en de schedel. Een spanning in een orgaan zal zijn weerslag vinden op het niveau van de wervelkolom. Naar mijn mening vind je de oorzaak van de meeste klachten en zeker deze van de wervelkolom op het niveau van de organen. Een mooi voorbeeld is de relatie tussen lage rugklachten en spanningen in de nieren. Pas wanneer de spanningen ter hoogte van de nieren opgelost worden, zullen de rugklachten verminderen.

Het derde bewegingsysteem: schedel en sacrum

De schedel bestaat uit verschillende botstukken die met naden aan elkaar vastzitten. Deze naden maken beweging tussen botten mogelijk. Aan de binnenkant van deze botstukken heb je de hersenvliezen, de hersenen en hersenvloeistof. Elk botstuk staat in relatie met bepaalde vliezen en hersengebieden.

Dit systeem is op wetenschappelijk vlak in volle evolutie en men geraakt steeds meer overtuigd van de sterke invloed die dit systeem heeft op het volledige lichaam. Ons lichaam bestaat uit ongeveer 75 % water. Het cranio -sacrale systeem biedt ons de mogelijkheid om als osteopaat in te werken op, niet alleen bewegingsverliezen ter hoogte van de schedel, maar ook op een zo goed mogelijk functioneren van de hersenen en op de algemene energietoevoer in het menselijke lichaam.

Interactie tussen de 3 systemen

De 3 systemen zijn met elkaar verbonden op verschillende manieren. Via zenuwen, bloedvaten, vliezen, enz.. beïnvloeden ze elkaar voortdurend. Dit wilt zeggen dat een bewegingsverlies op 1 systeem automatisch zijn invloed zal hebben op de 2 andere systemen. Wanneer we het lichaam als osteopaat terug in harmonie willen brengen, dienen we in te werken op de relatie tussen de 3 systemen. De 3 systemen vormen een fysieke eenheid binnen het menselijke lichaam.